Naar huis?

rijtjeshuis

Als een patiënt met een inbewaringstelling of een rechterlijke machtiging is opgenomen in een psychiatrisch ziekenhuis, zal de behandelend psychiater  ook onderzoeken of de patiënt op enig moment weer buiten het psychiatrisch ziekenhuis (thuis) gaat  wonen.

Voorwaardelijk ontslag

Als de behandeling van de stoornis aanslaat, als het gevaar voor de patiënt zelf  voor anderen weg kan worden genomen, kan de  behandelaar met de patiënt afspreken dat hij of zij voorwaardelijk met ontslag mag. Dat betekent dat de patiënt het psychatrisch ziekenhuis – onder voorwaarden – mag verlaten terwijl de machtiging nog even blijft doorlopen. Bij die voorwaarden kunt u denken aan het verplicht op afspraak komen, voorgeschreven medicatie innemen, ambulante medewerkers van de GGZ instelling toelaten, etc.

Voorwaardelijke machtiging

De patiënt met een voorwaardelijke machtiging wordt thuis behandeld als de behandelaar inschat dat hij of zij zich aan bepaalde voorwaarden zal houden en voorkomt daarmee een gedwongen opname. De voorwaarden (die bij het behandelplan horen en die door de rechter ook in de beschikking worden opgenomen) moeten voorkomen dat de stoonis bij de patiënt gevaar doet veroorzaken.

Een voorwaardelijke machtiging kan volgens artikel 14a wet Bopz worden verleend als er sprake is van:

  • een stoornis van de geestesvermogens;
  • die betrokkene gevaar doet veroorzaken;
  • het gevaar buiten een psychiatrisch ziekenhuis uitsluitend door het stellen en naleven van voorwaarden kan worden afgewend.

Het voordeel van een voorwaardelijke machtiging is, dat een patiënt – als hij thuis gevaar voor zichzelf doet veroorzaken of zich niet aan de voorwaarden houdt – snel kan worden opgenomen door de geneesheer-directeur van het psychiatrisch ziekenhuis dat zich bij de voorwaardelijke machtiging bereid had verklaard de patiënt op te nemen. Er hoeft dan niet eerst een rechter langs te komen: door het opnamebesluit van de geneesheer-directeur wordt de voorwaardelijke machtiging automatisch omgezet naar een “gewone” rechterlijke machtiging.

Aan de andere kant: als een patiënt een langere periode aantoont commitment bij de behandeling te hebben en als er zich gedurende langere tijd geen gevaarlijke incidenten hebben voorgedaan, kan de vraag worden gesteld of een voorwaardelijke machtiging nog wel nodig is.

Top